• Wie we zijn
  • De heilige Thomas More
  • Kalender
  • Tijdschrift: POSITIEF
  • Archief
    • Overzicht
THOMAS MORE GENOOTSCHAP
  • Wie we zijn
  • De heilige Thomas More
  • Kalender
  • Tijdschrift: POSITIEF
  • Archief
    • Overzicht

Archief Positief

Op deze pagina worden artikels aangeboden uit tijdschrift POSITIEF sinds 1969

Voetbal : nieuwe religie?

2/6/2020

 
Verschenen in POSITIEF nr. 444 – SEPTEMBER  2014 

​De hoop dat voetbal een maatschappelijke weldaad zou worden, wellicht zelfs de zeden zou verzachten, is ook een illusie gebleken. 
Het was nochtans droombaar. Aan de ene kant konden een stel mannen zich fysiek uitleven, geestelijke krachten opdoen voor het werkelijke leven en de belofte erkennen in hun zoontjes die op prille leeftijd ook al achter een bal aanholden. Het voetbal sprak aan. Naast de erkende ploegen werden tal van vriendenclubs geboren. Je zou verbaasd zijn vast te stellen hoezeer de bodem van Vlaanderen met voetbalvelden bezaaid is. Aan de andere kant werd aan een heir van toeschouwers een kijkspel aangeboden dat zijn gelijke haast nooit gekend had. Zowel Jan met de pet als zijn baas konden van een week arbeid herstellen door het al of niet luidruchtig volgen van een wedstrijd vol onvoorspelbaarheden. De duizenden die zich des zondags op of naast de tribune opstelden, waren zich nauwelijks bewust dat zij de democratie in haar puurste vorm weerspiegelen. Rond het speelveld waren geen standen te bespeuren, mocht eenieder even vrij uiting geven aan geestdrift of verslagenheid. Brood en spelen, weet je wel, maar het voetbal had er een gigantische gedaante aan gegeven, was zo machtig geworden dat in de pers over koning voetbal gepend werd. En "Voetbal een feest" was een leefbare slogan. Voetbal, zo las ik in een kerkblad, is zelfs de nieuwe religie met een waarachtige liturgie: de kerk is vervangen door de beker, de scheidsrechter is de hogepriester en het volk voelt zich door een soort samenzang intens verbonden. 
Intussen, aldus nog de spitse waarnemer, lopen de voetbalstadions vol en de kerken leeg. Voetbal: nieuwe religie. De keerzijde werd van jaar tot jaar grimmiger. De commercie had er brood in gezien. Voetbal werd handel. De voetbalwei werd op menig plaats een voetbalstadion met alle onkosten van dien. Er kwamen beroepsvoetballers, die een loon mochten verlangen. Dat loon ging in de loop van de tijd sprookjesallures aannemen. Sommige Spaanse en Italiaanse topschutters verwierven een jaarloon van miljoenen euro's. Er werd een markt geboren, voetballers werden van club tot club verkocht. De koopprijs werd ronduit immoreel. Mag hier ook van ethiek gesproken worden? Tot de meest ophefmakende jongens behoort David Beckham, die door Manchester United verkocht werd aan Real Madrid, waar hij jaarlijks 15 miljoen euro opstrijkt. Ad rem lijkt mij een citaat uit proefschrift van P. Hartman Kok aan de universiteit van Groningen: "Over niet al te lange tijd zijn topvoetballers zoveel geld waard dat het voor de clubs een te groot financieel risico wordt om ze daadwerkelijk te laten spelen". 
Dat alles zou de leek, die ik ben, kunnen doen veronderstellen dat de voetbalclubs over vette fondsen beschikken. De leek vergist zich. Voortdurend kwamen clubs in het nieuws omwille van financiële moeilijkheden en soms onvoorstelbare schulden. In het jaar 2000 was de schuld van de 18 eersteklasseclubs in België tot bijna 50 miljoen euro gestegen. Geen nood, in een tijd waarin voor nagenoeg alles een beroep op overheidssteun mag gedaan worden, gaat het voetbal genoeglijk in het rijtje staan. Terecht, zouden wij zeggen, want ook andere religies worden in ons land bezoldigd. 
Een te voorspellen gevolg was dat het voetbal uitvoerige aandacht ging genieten in de geschreven pers en op het scherm. Dat er ruimte voor gereserveerd werd, lijkt mij een maatschappelijke noodzaak. Jan met de pet en zijn baas wensen niet enkel aan de rand van het speelveld te staan, ze zijn bovendien hongerig naar de verslagen, vooruitzichten, berichten over transfers, de lichamelijke en mentale conditie van de deze of gene spil of achterspeler en de ontelbare afspraken en verwikkelingen in de voetbalkeuken. 
Wat het fenomeen zo bed rukkend en op het randje af bespottelijk maakt, is het gezwollen proza dat eraan ontspruit. de argeloze krantenlezer moet de indruk opdoen dat deze al zo labiele wereld in evenwicht gehouden wordt door het voetbalspektakel, deze nieuwe alles overtreffende religie. Op een dag las ik in mijn krant iets over de "halfgod Mpenza", zijnde naar verluid een speler in onze nationale ploeg. Tot het meest beklemmende voetbalproza hoort voor mij een overweging van een bekend beroepsvoetballer: "Ik vrees dat ik na mijn spelerscarrière wel in het voetbal zal moeten blijven. Wat moet ik anders doen? Ik ben geen uil, maar wie zit te wachten op iemand die vijftien jaar lang zijn verstand niet heeft gebruikt? Het klinkt cru, maar zo is het toch?" 
Ofschoon ik mij aan het onderwerp gewaagd heb, ben ik een volslagen leek. Mij was het erom te doen te bevestigen dat als een godsdienst overboord geworpen wordt, er een andere in de plaats komt. Naar het strijdperk rep ik mij nooit, omdat ik onmogelijk anderhalf uur aandacht kan besteden aan telkens hetzelfde. Omdat ik evenwel niet geheel en al tot de Beotiërs wil gerekend worden, aanschouw ik van tijd tot tijd het scherm. Zodoende verwierf ik toch enig inzicht in deze nationale en internationale bezigheid. Ik stelde bijvoorbeeld vast dat elke ploeg die enige allure wil bezitten een of meer kleurlingen opstelt, waarmee mijn inziens een voorbeeldige bijdrage geleverd wordt voor de van kracht zijnde multicultuur. Bovendien is er geen religie denkbaar, die niet zou openstaan voor lieden van om het even welke herkomst. 
Het voetbal heeft ook zijn riten. Een daarvan is dat de speler die een doelpunt gemaakt heeft als een hoogst waanzinnige een eindje wegholt, zich op de knieën stort en door een vijftal uitzinnige clubgenoten besprongen wordt. Het is maar één element van een ritus. Een ander vast gegeven is de coach die aan de zijkant van het veld, driftig en molenwiekend, naar zijn manschappen bevelen schreeuwt die geen hond kan verstaan. Hij heeft dan ook, vermoed ik, de rang van kanunnik, terwijl de coach van de nationale ploeg een soort aartsbisschop moet wezen. Alle gekheid terzijde, een echte religie kan het voetbal natuurlijk niet zijn, daarvoor ontbreekt het bovennatuurlijk element. Waaruit bestaat dan het fenomeen? Van de gelovigen, die voorheen in grote aantallen naar het kerkgebouw trokken, hebben velen er afstand van genomen. Maar de drang om met velen naar een soort viering te trekken bleef bestaan. Het voetbal bood een unieke kans om die drang op te vangen. 
Tot de merkwaardige effecten van het voetbal behoort het scheppen van verbondenheid, van een gemeenschapsgevoel. Dat hadden wij vroeger ook, toen wij talrijk in het kerkgebouw samenkwamen om er een dienst bij te wonen. In oorlogstijd, de ouderen onder ons zullen het zich herinneren, was het gevoel nog veel sterker. Wie zich thans naar het voetbalveld rept, komt er niet enkel om het spel in het oog te houden, hij komt er ook om tot een geestdriftige massa te behoren. Het kan niet kwalijk genomen worden dat sommigen van een nieuwe religie gewagen. 
Tot dusver had ik het steeds over mensen. Hoofdfiguur op het veld is, eigenaardig genoeg, niet een mens, maar een bal. De bal is een dood voorwerp, maar komt op de voetbalweide voorwaar tot leven. Hoe hij wordt opgevangen, hoe hij zich laat dribbelen, of hij over de zijlijn wipt en hij tussen de doelpalen wil, het zijn de adembenemende tonelen voor massa's medemensen. De bal is in deze religie het voornaamste liturgische voorwerp, een symbool van spanning en ontspanning, van verheffing ook uit de dagelijkse sleur. Wellicht is spreken van een nieuwe religie nog niet zo gek als het aanvankelijk leek. 
Een en ander werd tijdens het jongste wereldkampioenschap in Brazilië danig bevestigd. 
 
Jan Veulemans 
Zevendonkplein 9/2 
2300 Turnhout. 


Comments are closed.
    Overzicht Artikels
Powered by Create your own unique website with customizable templates.
  • Wie we zijn
  • De heilige Thomas More
  • Kalender
  • Tijdschrift: POSITIEF
  • Archief
    • Overzicht