• Wie we zijn
  • De heilige Thomas More
  • Kalender
  • Tijdschrift: POSITIEF
  • Archief
    • Overzicht
THOMAS MORE GENOOTSCHAP
  • Wie we zijn
  • De heilige Thomas More
  • Kalender
  • Tijdschrift: POSITIEF
  • Archief
    • Overzicht

Archief Positief

Op deze pagina worden artikels aangeboden uit tijdschrift POSITIEF sinds 1969

Parochiepriester pleit voor behoud Eucharistieviering bij begrafenis

1/5/2020

 
Verschenen in POSITIEF nr. 445 – OKTOBER  2014 

​Vanaf Nieuwjaar wordt in het bisdom Limburg de Eucharistieviering bij begrafenissen blijkbaar afgeschaft. Er zijn steeds minder priesters en in een gebedsviering kan ook een diaken of een opgeleide leek voorgaan, luidt het. En zo moeten de priesters opnieuw meer tijd krijgen voor andere zaken. In het aartsbisdom Mechelen-Brussel waartoe ook Bever behoort lopen de zaken nog zo geen vaart. "Voor mij is de druk van het aantal kerkelijke begrafenissen nog doenbaar", zegt pastoor Andy Penne, die ook instaat voor de parochies van Galmaarden en Tollembeek. 
 
"De voorgenomen regeling in het bisdom Limburg heeft alleszins geen praktische gevolgen voor de parochies in het aartsbisdom MechelenBrussel", verklaart pastoor Andy Penne zich nader. "De standaardvorm in de tien parochies van de federatie Herne is nog altijd een uitvaart met Eucharistieviering. In de parochies die ik bedien zijn er gemiddeld een zestigtal begrafenissen op jaarbasis wat dan neerkomt op een gemiddelde van één per week". 
 
Pastoor Andy Penne heeft wel een zeker aantal bedenkingen bij de beslissing in Limburg. "De Wereldkerk is heel duidelijk in haar voorschriften", zegt hij. "In de regel is het een priester of een diaken die voorgaat in de kerkelijke uitvaart. Voor mij is het belangrijk dat ook bij een uitvaart het Misoffer wordt opgedragen voor de zielenrust van de overledene. Dat is trouwens het hoogste gebed dat wij voor de afgestorvene hebben. En ook komt de verkondiging van de Verrijzenis wanneer veel mensen in het kerkgebouw samenkomen om afscheid te nemen van hun dierbare over als één van de belangrijkste taken voor een priester". 
 
Een recht 
 
"Ik vraag mij trouwens af of een Eucharistieviering bij uitvaarten zo maar kan afgeschaft worden. Het is alleszins een recht van de gelovige om een Eucharistieviering bij uitvaarten te vragen. Zeker als er toch een priester ter beschikking is kan dat dan volgens het kerkelijk recht niet geweigerd worden", aldus nog de parochiepriester, die alleszins ook weet heeft van een negatieve respons vanuit Rome op een vraag indertijd vanuit Nederland om leken een uitvaart te laten voorgaan "omdat er nog voldoende priesters en diakens ter beschikking waren". 
 
Pastoor Andy Penne is er zich overigens van bewust dat het aantal kerkelijke uitvaarten afneemt, weliswaar niet spectaculair. "Mensen die zichzelf als ongelovig beschouwen of geen kerkelijke band hebben kunnen zich terugvinden in alternatieven", stelt hij. "Ervaring in gebieden waar uitvaarten toch door leken worden voorgegaan toont aan dat dan de gelovigen ook wel sneller kiezen voor een alternatief, meestal in een funerarium, omdat er toch geen priester kan bij zijn en er toch ook geen mis kan opgedragen worden".
© Deschuyffeleer 
 
Bovenstaande reactie kwam er na de melding van de bisschoppelijk vicaris van het bisdom Hasselt dat vanaf 1 januari 2015 er geen eucharistievieringen meer mogen opgedragen worden bij uitvaarten. Zodoende hebben de priesters dan volgens hem "weer tijd om aan andere dingen hun aandacht te besteden." 
 
Een heel bedenkelijke stelling wanneer trouwe katholieken weten dat de eerste taak van de priester is : het opdragen van het H. Misoffer en dat liefst dagelijks. Ja, we weten wel, dat er geen 'verplichting' is om dagelijks een Mis op te dragen, maar als het de eerste taak is, schuift men die opzij om aan een of andere vergadering deel te nemen ? Wij herinneren ons de woorden van Heilige Paus Johannes Paulus Il : "geen enkele vergadering is belangrijker dan een Eucharistieviering". 
 
De christelijke zin van de dood wordt geopenbaard in het licht van het paasmysterie van de dood en de verrijzenis van Christus, in wie onze enige hoop is gelegen. ( ... ) De Kerk, die als een moeder op sacramentele wijze de christen tijdens zijn aardse pelgrimstocht in haar schoot heeft gedragen, begeleidt hem op het einde van zijn tocht, om hem "in de handen van de Vader" toe te vertrouwen. In Christus draagt zij het kind van haar genade op aan de Vader, en de kiem van het lichaam dat in heerlijkheid zal verrijzen, vertrouwt zij hoopvol aan de aarde toe. Deze offerande wordt ten volle gevierd door het offer van de eucharistie; de zegeningen die aan de eucharistie voorafgaan en die erop volgen zijn sacramentalia. ( C.K.K., 1681-1683) 
 
De Ordo exsequiarum ( de Orde van Dienst voor de uitvaartliturgie) die door de verantwoordelijke congregatie werd goedgekeurd en nog altijd geldig is stelt drie vieringstypen van uitvaarten voor, die overeenkomen met de drie plaatsen waar ze gehouden worden ( in het huis van de overledene, in de kerk, op het kerkhof) en die men kan aanpassen aan het belang van de familie, de plaatselijke gewoonten, de cultuur en de volksvroomheid eraan hechten. Het verloop is trouwens in alle liturgische tradities hetzelfde en heeft vier kernmomenten: de begroeting van de gemeenschap, de woorddienst die met aandacht moet voorbereid worden, te meer omdat onder de aanwezigen ook gelovigen kunnen zijn die niet zo vaak liturgie vieren, of vrienden van de overledene die niet christen zijn. Met name de homilie "mag geen lijkrede zijn" en moet het mysterie van het christelijk sterven beschouwen in het licht van de verrezen Christus. 
 
Het eucharistisch offer. Wanneer de viering in de kerk plaats vindt, is de eucharistie het hart van het paasmysterie dat in het sterven van een christen gestalte krijgt. Daar drukt de Kerk haar feitelijke gemeenschap met de overledene uit, wanneer zij in de heilige Geest het offer van de dood en verrijzenis van Christus aan de Vader aanbiedt, vraagt zij dat haar kind gereinigd mag worden van zijn zonden en de gevolgen ervan, en dat hij deel mag hebben aan de volheid van het paasgebeuren door aan te zitten aan de tafel van het Koninkrijk. (C.K.K., 1684-1689) 
 
Het dienstwerk van de Kerk wil de vruchtbare "communio" met de overledene tot uitdrukking brengen en tegelijk de gemeenschap, die voor de uitvaart verzameld is, bij deze "communio" betrekken en haar het eeuwig leven verkondigen. (C.K.K., 1684) 
 
Wanneer de eucharistie op deze wijze gevierd wordt, leert de geloofsgemeenschap, in het bijzonder de familie van de overledene, zich te verenigen met degene die "in de Heer ontslapen is". Zij doet dit door deel te nemen aan het lichaam van Christus, waarvan de overledene een levend lidmaat is, en door voor en met de overledene te bidden. 
 
Bij een gebedsdienst voor een overledene: niets van dit offer, niets van deze "communio". Er wordt dan wel een gebed beloofd voor de overledene bij een komende zondagse eucharistieviering. Maar als de Mis wordt opgedragen zoals het missaal dat voorschrijft wordt er in elke Mis gebeden voor alle overledenen. Bovendien is er tegenwoordig, als het meevalt, maar één eucharistieviering meer op zondag terwijl de parochieverantwoordelijke verplicht is de zondagsmis op te dragen voor het welzijn van de parochie. Krijgen we dan een opeenstapeling van intenties? 
 
De Catechismus van de Katholieke Kerk zegt ook in verband met de H. Mis: 
 
Het eucharistisch offer wordt ook opgedragen voor alle overleden gelovigen "die in Christus gestorven en nog niet geheel gezuiverd zijn", opdat zij het licht en de vrede van Christus kunnen binnentreden: 
 
Begraaft gij dit lichaam waar het u uitkomt; laat de zorg daarover u niet hinderen. Eén ding vraag ik u slechts: dat gij aan het altaar van de Heer mij gedachtig zijt, waar gij ook zult zijn. 
 
(De H. Monica voor haar dood tot de H. Augustinus en haar broer) Dan bidden wij ook voor onze overleden heilige vaders en bisschoppen en voor allen zonder onderscheid die ons zijn voorgegaan in de dood, in het vertrouwen dat de zielen voor wie deze bede wordt opgedragen, terwijl daar het heilige en ontzagwekkende offer voor ons ligt, er in hoge mate baat bij mogen vinden (. . .) Terwijl wij God bidden voor de overledenen, ook al waren zij zondaars, (. . .) bieden wij Christus aan, die voor onze zonden is geslacht. En zo verzoenen wij de goede God met hen en met onszelf. (H. Cyrillus van Jeruzalem) (C.K.K., 1571) 
 
Hoe de situatie nu reeds verloopt, het is nog niet eens januari 2015: op 26 juli jl. werd in een parochie te Genk de voorzitter van de kerkfabriek zonder eucharistie begraven. De man was 88 en een vaste aanwezige in de Mis. Heel Genk was aanwezig, ook tal van priesters, maar de pastoor van Sint-Martinus leidde een gebedsdienst. 
 
Interessant om weten is wat het Wetboek van Kerkelijk Recht over de uitvaarten te zeggen heeft: 
Can. 1176: 
1 ° Aan de overleden christengelovigen moet een kerkelijke uitvaart gegeven worden volgens het recht. 
 
2° De kerkelijke uitvaart, waardoor de Kerk voor de overledenen geestelijke bijstand afsmeekt en hun lichamen eert en waardoor zij tegelijk aan de levenden de troost van de hoop geeft, moet gevierd worden volgens de liturgische wetten. 
 
3° Met aandrang beveelt de Kerk aan deze vrome gewoonte te bewaren om de lichamen van de overledenen te begraven, zij verbiedt nochtans de crematie niet, tenzij deze laatste gekozen werd om redenen die met de christelijke leer in strijd zijn. 
Het vieren volgens de liturgische wetten gebeurt automatisch wanneer het door Rome goedgekeurde Ordo Exsequiarum wordt gevolgd. Maar heeft men nog kennis van die Orde van Dienst of wordt die respectloos opgeborgen in een of andere kast misschien ? Bisschoppen dragen hier een zware verantwoordelijkheid. 
 
Can. 1179: De uitvaart van religieuzen of van leden van een sociëteit van apostolisch leven dient in het algemeen gecelebreerd te worden in de eigen kerk of kapel door de Overste, als het instituut klerikaal is, anders door de cappellanus. 
 
Vanaf het begin is de Kerk trouw gebleven aan het gebod van de Heer. Over de Kerk van Jeruzalem wordt gezegd:
 
"Zij legden zich ernstig toe op de leer der apostelen, bleven trouw aan de onderlinge gemeenschap en ijverig in het breken van het brood en in het gebed ... " 
 
Die ijver is tegenwoordig ver te zoeken. En de leer der apostelen : in welke school wordt ze nog onderwezen ? De trouw aan de onderlinge gemeenschap smelt als sneeuw voor de zon, want door de drang naar grote "pastorale eenheden" worden mensen aangespoord zich aan te sluiten bij vaak onbekende gelovigen, waar geen echte band meer is van een 
"onderlinge gemeenschap". Het verwordt tot een eerder "gefabriceerde" gemeenschap, geleid door pastorale werkers of werksters die niet de Christus vertegenwoordigen, terwijl de priester dat wel doet. Want deze zit normaliter de vergadering van de gelovigen voor, hij neemt het woord na de lezingen, ontvangt de offergaven en zegt het eucharistisch gebed. Hij doet dat in plaats van de Christus, die op onzichtbare wijze zelf de eucharistieviering voorzit. De priester of bisschop handelt in de persoon van Christus als hoofd. Ware communio! 
 
Mensen vragen zich soms af of we hier in onze plaatselijke kerkprovincie nog altijd in overeenstemming zijn met de Wereldkerk. Er lijkt een schisma bezig zich te ontwikkelen. Mensen gaan vaak op reis en zelfs in onze naburige landen ondervinden ze dat het daar beter verloopt. Er zijn ook streken waar een parochiepriester soms drie, vier of vijf parochies moet bedienen. Ze krijgen ook hulp van leken, maar alle parochies worden voorzien van minstens een wekelijkse eucharistieviering en de uitvaarten worden door priesters geleid, die soms genoodzaakt zijn zich regelmatig te verplaatsen, maar toch lijkt het gebruik van missaal en Orde van Dienst voor de uitvaarten en/of doopsels enz. geen onoverkoombaar probleem op te leveren. 
 
Vergaderen kan wel leuk en interessant zijn, maar wat de voorziening en bediening van de sacramenten betreft dat moet de hoofdbezigheid zijn van de priester, want pastoraal werken is niet mogelijk zonder de sacramenten. 
 
Valt het te vrezen dat de beslissing om voorrang te geven aan gebedsdiensten t.o.v. eucharistievieringen een gevolg is van geen of te weinig geloof in de werkelijke tegenwoordigheid van Christus in het sacrament van de eucharistie? 
 
Waar wordt er gebeden om arbeiders voor de oogst? Waar worden er aanbiddingsmomenten gehouden in de kerken en kapellen om te bidden voor de bevordering van het priesterschap? 
 
Kent men nog de waarde van het offer? We zullen het hierover nog eens hebben bij een andere gelegenheid. 
 
Lionel Nagels
Kard. Cardijnstraat 64 B 2
2840 Terhagen. 


Comments are closed.
    Overzicht Artikels
Powered by Create your own unique website with customizable templates.
  • Wie we zijn
  • De heilige Thomas More
  • Kalender
  • Tijdschrift: POSITIEF
  • Archief
    • Overzicht