• Wie we zijn
  • De heilige Thomas More
  • Kalender
  • Tijdschrift: POSITIEF
  • Archief
    • Overzicht
THOMAS MORE GENOOTSCHAP
  • Wie we zijn
  • De heilige Thomas More
  • Kalender
  • Tijdschrift: POSITIEF
  • Archief
    • Overzicht

Archief Positief

Op deze pagina worden artikels aangeboden uit tijdschrift POSITIEF sinds 1969

Eucharistische Aanbidding

3/9/2019

 
Verschenen in POSITIEF nr. 453 – JUNI 2015

4 juni Sacramentsdag -- 12 juni H. Hart van Jezus -- 13 juni Onbevlekt Hart van Maria
24 juni Geboorte van H. Johannes de Doper - 29 juni HH. Petrus en Paulus, apostelen
 
Aanbidding is eigenlijk iets algemeen menselijks .. Het heeft te maken met gevoelens van liefde en bewondering. Gevoelens die wij koesteren voor mensen, die ons dierbaar zijn of naar wie wij opkijken. Zo kunnen we in aanbidding staan voor een geliefde, een muziekidool of een voetbalster. Maar ook andere, meer materiële dingen kunnen voorwerp zijn van aanbidding: onze liefhebberijen, onze gezondheid, onze bezittingen. Er wordt nog heel wat aanbeden in onze tijd ..
 
Hier willen wij het hebben over een andere betekenis van aanbidding: aanbidding in religieuze zin. Je kan ook God aanbidden vol bewondering om de schoonheid van de schepping, in dankbaarheid om Zijn voorzienigheid en heilstekenen onder ons, of in aanhankelijkheid en overgave aan Hem. Toch lijkt dit vandaag heel wat moeilijker te liggen, omdat dit bij ons eerder beelden oproept van afhankelijkheid, nietigheid, slaafse onderwerping, angstig ontzag. En als je het dan hebt over 'Eucharistische aanbidding' stoot je op nog meer verbazing of valt men helemaal uit de lucht. Het is alsof je spreekt vanuit een andere wereld en niemand je nog begrijpt. Voor de meeste gelovigen is de Eucharistische aanbidding inderdaad een onbekend en vreemde praktijk geworden, die hooguit bij de ouderen nog herinneringen oproept van grote, met stralen omkranste en schitterend vergulde monstransen, die met bijna magisch vertoon werden uitgestald en waarvoor lange uren in gebed werden doorgebracht. Eucharistische aanbidding, het klinkt als iets uit lang vervlogen tijden! En toch is deze praktijk niet zo wereldvreemd als het op het eerste gezicht lijkt.. Gewoon al in ons dagelijks leven zijn er dingen die ons heilig zijn, waar we veel waarde aan hechten, waar we behoedzaam mee omgaan - vol schroom en eerbied - , dingen die wij koesteren en bewaren. Zo is voor ons, christenen, het 'allerheiligste': de liefdevolle en werkelijke tegenwoordigheid van de Heer in de Eucharistische gaven van Zijn Lichaam en Zijn Bloed onder de gedaanten van brood en wijn. Wanneer wij de betekenis van deze werkelijkheid diep tot ons laten doordringen, groeit in ons de behoefte tot aanbidding.
 
God aanbidden in de schepping.
 
God kan je aanbidden op vele wijzen. Wie met onbezoedelde zintuigen, met een open oog en met een helder hart door het leven gaat, ervaart het wonderbare dat vanuit een andere wereld op hem afkomt. Hij voelt zich overrompeld door Iemand die ons overstijgt in macht, schoonheid en goedheid. Een kleine krokus in de zon kan al voldoende zijn om ons dat gevoel te geven. Als we oog hebben voor andere dingen dan alleen onze materiële beslommeringen kan een mooi landschap, een nachtelijke sterrenhemel, een oeverloze zee ons vervullen met ontzag en verwondering. Ook de glans van kunstwerken als de kleurenweelde van een tafereel op doek, de indringende schoonheid van muziek, het harmonisch lijnenspel van een kathedraal, het meeslepend ritme van een gedicht of lied kunnen in ons ervaringen wekken, die ons als vanuit een andere wereld overkomen. Ze maken ons onvoorstelbaar gelukkig en wij kunnen er geen verklaring voor geven. De diepste dingen die ons leven beroeren - zoals de gave van een nieuwe dag, de geboorte van een kind, de vriendschap en waardering, de liefde en vergeving van anderen - overkomen ons als een geschenk, als een genade, als een teken van Gods goedheid. Ze worden ons zomaar toegespeeld en wij ervaren er Gods welwillendheid in.
Ook wetenschappelijke ontdekkingen en technische realisaties van onze tijd lichten een sluier op van Gods grootheid en macht. Het menselijk kunnen is immers niets anders dan een ont-sluieren, een ont-dekken en operationeel maken van krachten en wetten, die God in de schepping heeft gelegd. De mens mag als 'beeld van God' deelgenoot zijn aan Zijn scheppende Geest en als Gods medewerker de natuur cultiveren. Wanneer wij stilstaan bij al die geweldige dingen rondom ons, kunnen we niet anders dan vol verbazing en verwondering zijn. Dat is het begin van aanbidding ... Ligt aanbidding niet in de lijn van: worden als een kind, stilstaan bij, de adem inhouden, deemoedig zijn, openstaan voor, opgaan in, ontroerd zijn, in zich opnemen, vervuld zijn van? Wat maakt het de mens gelukkig voor wie de schepping een open boek is, waarin Gods naam te lezen staat! Het wekt in ons gevoelens van dankbaarheid en lofprijzing, het doet ons bidden en zelfs dansen en zingen voor Gods aanschijn.
De grote hindernis om tot verwondering en aanbidding te komen is echter de verderfelijke neiging van mensen om alles te willen beheersen en er zijn profijt uit te halen. Met deze nefaste houding hebben de dingen voor ons geen geheim meer, dat ons eerbiedig maakt. Men rekent dan uit hoe men dingen en mensen kan onderwerpen om ze in dienst te stellen van eigen nut. De begeerlijkheid, vermengd met hoogmoed, zit diep in de menselijke natuur geworteld. Ze maakt ons blind voor het mysterie, dat in de diepte van mensen en dingen schuilt. De begeerlijke mens heeft geen eerbied, geen schroom, geen verwondering meer voor het onvoorziene en onverwachte. Voor hem is de weg versperd om God te ervaren, met Hem in aanraking te komen en Hem te aanbidden.
 
Eucharistische aanbidding.
 
God is alomtegenwoordig in de schepping. En toch is Hij door de Menswording van Zijn Zoon op een bijzondere wijze in de geschiedenis van de mensen aanwezig gekomen. Door de Incarnatie is God onder ons komen wonen om in Christus de wereld te vergoddelijken en alles in allen te worden. Die Incarnatie gaat voort in de Eucharistie. In de Eucharistie komt Christus in brood aanwezig niet alleen om dat brood substantieel te veranderen, maar ook om daardoor het heelal te wijden, de aarde te vervolmaken, de wereld met het vuur van Zijn Geest te doordringen en de schepping naar haar voltooiing te voeren.
De aanwezigheid van Christus in de Eucharistie is het levenwekkende centrum, van waaruit de vergeestelijking naar de wereld gebeurt. Het Eucharistisch Brood is het middelpunt, waarvan de Goddelijke uitstraling zich over alle dingen uitstrekt. Zoals de zon vanuit haar centrum stralen zendt naar de aarde om daarmee licht te brengen in de duisternis en leven in de natuur, zo straalt de aanwezigheid van Christus in het Eucharistisch Brood zijn Geest uit over de wereld om haar te doordringen met genade en wijding.
De Eucharistie is dan ook de grootste gave, die Christus aan Zijn Kerk heeft nagelaten. Dit gedenken en vieren wij op een bijzondere wijze op Witte Donderdag. Terwijl op Sacramentsdag de aandacht meer gaat naar de aanbidding van Zijn tegenwoordigheid in het Eucharistisch Brood. Het was de heilige Juliana van Cornillon, een kloosterlinge uit Luik, die in de 13de eeuw aan de oorsprong lag van de invoering van dit feest. Maar vooral na de Reformatie in de 16de eeuw, toen de reële tegenwoordigheid van Christus in de Eucharistie werd geloochend, is de verering van het Heilig Sacrament sterk naar voren gekomen en heeft het een grote bloei gekend. Het gevolg was, dat het Heilig Sacrament met meer eer en luister werd omgeven. Denken we maar aan het ontstaan van het lof, de uitstelling, de bewieroking, de Sacramentsprocessie ... Iets wat men voordien niet kende. Tot dan toe werd het Eucharistisch Brood alleen bewaard in het tabernakel om genuttigd te worden of naar de zieken te worden gebracht.
In de moderne tijd echter werd de klemtoon opnieuw verlegd van het tabernakel naar de altaartafel, van het lof naar de eucharistieviering. Strikt genomen blijft dit natuurlijk de hoofdzaak: de Heer wil in mensen wonen. De mens is Hem dierbaarder dan het schoonste tabernakel of de kostbaarste monstrans! Toch blijft de Eucharistische aanbidding belangrijk ... Zij sluit best aan op de eucharistieviering zelf, om nog wat tijd te nemen om dit gebeuren meer te verinnerlijken en beter de betekenis ervan te beseffen. De uitstelling van het Heilig Sacrament biedt daarbij ook een zintuiglijke hulp om er geestelijk bij te zijn. Het is als het ware een fixatiepunt om ons te concentreren. De hostie nodigt uit om te kijken met de ogen, zodat we ook beter kunnen schouwen met de ziel.
Zoals er in het gezin momenten zijn dat we stil bij elkaar zitten en opgaan in elkaars aanwezigheid, zo overwegen wij bij het Heilig Sacrament Christus' liefde voor ons en groeit in ons de bereidheid gans ons hart aan Hem te geven en ons helemaal toe te vertrouwen aan Hem. 'Blijft in Mij, dan blijf Ik in u', zo heeft de Heer gezegd. Door de vele momenten van aanbidding komen we tot een grotere intimiteit met Hem. Eucharistisch aanbidding is dan ook een kostbare traditie, die niet mag verloren gaan. De vraag mag zeker eens gesteld, vooral ook door de priesters: komen wij voldoende tegemoet aan de honger naar aanbidding, die leeft bij heel wat mensen? Zijn onze kerken wel uitnodigend genoeg voor hen? Wijzen wij voldoende op de werkelijke tegenwoordigheid van Christus in het Heilig Sacrament? Zien wij de Eucharistie als ongehoord middel van God om Zichzelf mee te delen? Maken wij tijd om ook zomaar eens een kerk binnen te gaan om er in stilte te vertoeven? Dààr, voor het tabernakel in het schemerlicht van het godslampje, komt het rusteloze hart tot vrede! Nogal wat mensen zijn aangesloten bij - wat men vroeger noemde - 'de Erewacht van het Heilig Sacrament', opgericht door de H. Eymard, en kiezen ervoor om samen met een 'Eucharistische gebedsgroep' maandelijks een uurtje bij het Heilig Sacrament door te brengen. Ook jongeren staan hiervoor open. Waarom heeft bijvoorbeeld Taizé bij hen zoveel succes? Waarom trekken duizenden jonge mensen er ieder jaar naartoe? Omdat er ondermeer ruimte is voor aanbidding. Er wordt natuurlijk ook gesproken en gedialogeerd in Taizé, maar dit spreken geschiedt op een achtergrond van aanbidding en luisterbereidheid voor Gods Woord.
 
Aanbiddingshoudingen.
 
De Heer schuilt of hult zich in de stilte en in het verborgene. God laat zich dan ook zo moeilijk vinden in de wereld van vandaag, omdat die wereld zo uitdagend en luid is, zo vol activiteit en prestatie. Voor vele mensen wordt het moeilijk de ogen te sluiten en naar binnen te richten. Denken we maar aan de stille momenten tijdens de Eucharistieviering. Na het uitreiken van de Heilige Communie worden de mensen uitgenodigd even te pauzeren om kans te bieden tot stil gebed. De meesten echter kunnen die stilte niet aan. Ze worden nerveus, ze storen de stilte, ze zitten te wachten. Sommige priesters korten dan ook gewillig deze stilte in ... Stiltemomenten mogen geen ledige momenten worden, vaag, dromerig, wachtend. Stille tijd is de tijd die je doorbrengt met God, de tijd die je aan de Heer geeft.
Het is opvallend dat de bijbel geen specifiek woord kent voor aanbidding. Steeds worden werkwoorden gebruikt die een beweging van het lichaam uitdrukken, gebaren van eerbied en respect: buigen, knielen, zich ter aarde werpen. Het lichaam drukt uit dat er in het hart van de mens iets gebeurt, iets wat hem verandert en hem in liefde en eerbied doet neerbuigen. Aanbidden is het antwoord van de mens die met hart, ziel en lichaam erkent dat God de Eerste en de Enige is. In aanbidding werp ik mij voor God neer, omdat God God is. Ik wil Hem niets vragen, ik wil door aanbidding ook niets bereiken. Bij de aanbidding gaat het niet om mijzelf of mijn problemen, maar ik erken gewoon dat Hij mijn Heer is, het voorwerp van mijn verlangen. Het is God die mij geheel en al vervult. Wanneer Zijn tegenwoordigheid alles vervult is er voor niets anders meer plaats in mij, heeft niets meer macht over mij. En doordat ik mezelf vergeet kom ik tot rust. We hebben moeite om te erkennen dat God onze Heer is, dat we alles van Hem ontvangen en dat we zonder Hem niets zijn. Wij zijn verleerd om te knielen en te buigen. Het past niet bij onze persoonlijke autonomie of zelfstandigheid" Aanbidding nu vraagt juist dat wij ons kunnen klein maken in nederigheid en ootmoed. Jezus zelf gaf ons het voorbeeld tijdens het Laatste Avondmaal, toen Hij bij de voetwassing neerknielde voor Zijn leerlingen als de 'Dienaar der dienaren'. Een veelzeggend en betekenisvol gebaar, dat ons kan helpen om ons in de gepaste gezindheid te plaatsen. Buigen, neerknielen voor het Heilig Sacrament is in feite een geloofsbelijdenis, uitgedrukt met ons lichaam!
Tenslotte is het van belang ons in geloof open te stellen voor het mysterie van de Eucharistische aanwezigheid van de Heer, een mysterie dat wij nooit helemaal kunnen bevatten zomin als onze ogen rechtstreeks in de glans van de zon kunnen blikken. Meer dan met ons verstand moeten we dit mysterie benaderen met een gelovig hart. Of zouden wij het zo mogen stellen: de behoefte aan aanbidding bepaalt de maat van ons geloof!
 
Olav Vandebril, priester


Comments are closed.
    Overzicht Artikels
Powered by Create your own unique website with customizable templates.
  • Wie we zijn
  • De heilige Thomas More
  • Kalender
  • Tijdschrift: POSITIEF
  • Archief
    • Overzicht