• Wie we zijn
  • De heilige Thomas More
  • Kalender
  • Tijdschrift: POSITIEF
  • Archief
    • Overzicht
THOMAS MORE GENOOTSCHAP
  • Wie we zijn
  • De heilige Thomas More
  • Kalender
  • Tijdschrift: POSITIEF
  • Archief
    • Overzicht

Archief Positief

Op deze pagina worden artikels aangeboden uit tijdschrift POSITIEF sinds 1969

Gelovig op weg

3/5/2018

 
Verschenen in POSITIEF nr. 474 – SEPTEMBER 2017


​Volgens recent onderzoek beschouwt vijftig procent van de Vlamingen zich niet langer als gelovig en nog veel meer beschouwen zich niet als christelijk, laat staan Rooms-Katholiek.
 
Gelovig zijn, gelovig leven is inderdaad niet meer zo vanzelfsprekend. We leven nu eenmaal in een snel evoluerende technocratische wereld, gericht op utiliteit (nuttigheid), economisch winstbejag en materiële verzuchtingen. Het gevolg is geestelijke armoede, teloorgang van het geloof en nog meer van de kerkelijkheid. Het aantal gelovigen, dat zich met de Kerk verbonden voelt, krimpt onafgebroken. Er doet zich als het ware een 'Godsverduistering' voor. Sommigen hebben Hem zelfs doodverklaard en leven alsof er geen God bestaat.
 
Hoe is het gesteld met ons geloof en met onze geloofsbeleving? Welke plaats geven wij aan God in ons leven? Misschien zijn wij Hem een beetje uit het oog verloren ... God is dikwijls de meest Vergetene en de plaats, die wij Hem geven in ons leven, is vaak niet zo groot. Maar God heeft geduld met ons, Hij kan wachten tot we de draad terug opnemen. Het moet toch de bedoeling zijn om als gelovige bewuster en kwaliteitsvoller in het leven te staan, om de alledaagsheid op te tillen naar een hoger niveau en meer diepgang te geven aan het bestaan! Ook wordt het geloof vandaag door velen in vraag gesteld. Op wat is het gebaseerd? Is God geen illusie, geen projectie of maaksel van de mens? Deze en andere opwerpingen of bedenkingen krijg je te horen en worden regelmatig op je afgevuurd ... Dit was ook zo bij de eerste christenen, die vanaf het begin werden vervolgd, verdacht gemaakt en met wantrouwen werden bekeken. De apostel Petrus schrijft in zijn eerste brief aan de christenen van Klein-Azië: 'Vreest de bedreigingen niet, laat u niet verontrusten. Weest altijd bereid tot verantwoording aan al wie u rekenschap vraagt voor de hoop (en het geloof) die in u leeft'. (1 Petr. 3,14-15)
 
God: een illusie?
 
Er zijn heel wat filosofen en theologen geweest, die geprobeerd hebben het bestaan van God te bewijzen. Toch bleef het bij pogingen ... Pogingen die ons wel een stuk op de goede weg zetten of doen denken in de juiste richting, maar die blijkbaar niet afdoend zijn om iedereen te overtuigen. Het gaat hier immers over een werkelijkheid, die ons verstand ver overstijgt. Het is niet mogelijk God te vatten met onze menselijke begrippen, laat staan Hem aan te wijzen of Hem in de greep te krijgen. Op gelijke wijze heeft de positieve wetenschap in de hedendaagse tijd geprobeerd het bestaan van God als laatste verklaringsgrond te ontkennen of te weerleggen. Maar ook zij is daar niet in geslaagd. De wetenschap tracht heel het leven te begrijpen vanuit vaststaande principes. Natuurverschijnselen verlopen volgens haar volgens enkele vaste wetten en kunnen niet verstoord worden door buiten- of bovennatuurlijke krachten. En al kan men vandaag nog veel fenomenen bij de mens of in de natuur nog niet verklaren, toch is de wetenschap ervan overtuigd dat niets haar nog zal ontsnappen in de toekomst.
 
De astrofysicus en filosoof Gerard Bodifée zet hier echter een groot vraagteken bij, want - zo betoogt hij - de echte werkelijkheid is onberekenbaar gebleken! Zo is er de vrijheid en de creativiteit van de mens, die niet bepaald worden door natuurlijke wetten. Het determinisme van oorzaak en gevolg klopt hier niet meer. Biologisch gezien evolueert de mens volgens bepaalde natuurwetten, maar de mens is veel meer dan biologie. Hij werd door God begiftigd met een vrije wil en denkvermogen. En niet alleen de mens, zo vervolgt hij, maar ook de hele natuur is doordrongen van deze creativiteit. Zij gedraagt zich niet als een automatische machine, die feilloos draait. De natuur zelf vernieuwt zich en neemt initiatieven. In de natuur zit dus een oorspronkelijke creativiteit, die niet te bepalen is door natuurwetten. Alles is zo harmonieus geordend en zo doeltreffend geregeld, dat het onmogelijk is dit aan louter toeval toe te schrijven.
 
Zelfs als wij ons aanhangers van de evolutieleer (Darwin) noemen en zouden vasthouden, dat alles zich uit een zekere oorspronkelijke stof ontwikkeld heeft, dan blijft toch dezelfde vraag: wie gaf het bestaan aan een dergelijke materie? Wie heeft met zoveel wijsheid die materie in beweging gezet en wel zo dat zij na zovele jaren en zoveel gedaanteveranderingen het vooropgestelde doel kan bereiken? Welnu, deze wijsheid komt van God. Het is redelijker het bestaan toe te schrijven aan een scheppende Liefde en Wijsheid dan aan een toevallig ontstaan en ontluiken.
 
Nood aan zingeving
 
De mens is een denkend wezen. Hij kan nadenken, reflecteren over zijn bestaan, over de zin van de dingen. In feite is de mens op zoek naar geluk. En hij denkt dat geluk te kunnen grijpen of zelf tot stand te kunnen brengen. Hij leeft immers met zijn tijd mee en de verwezenlijkingen van de techniek doen hem geloven, dat hij eens alles onder controle zal hebben, dat alles maakbaar is, beheersbaar, verkrijgbaar. Maar tegelijk ervaart hij dat liefde, vriendschap, vertrouwen en zoveel meer waar hij van leeft niet maakbaar zijn, maar dat ze hem gegeven worden. Ze zijn een geschenk, zomaar om niet.
 
Bovendien is er in deze wereld geen geluk te vinden, dat de mens helemaal kan bevredigen of verzadigen. De mens zal maar voldaan zijn met een geluk zonder grenzen, zonder een enkele beperking in grootheid, in inwendige kracht, in duurzaamheid. We zien dan ook hoe mensen vanuit een innerlijke leegte op zoek gaan naar allerhande vormen van religiositeit. Wie niet meer naar de kerk gaat, neemt daarom nog geen afscheid van religie. Nog steeds hebben mensen nood aan religieuze rituelen en tradities, aan een leven en een wereld die het louter materiële overstijgen. Ook de spiritualiteit is in opmars. Spiritualiteit is een innerlijke gezindheid of attitude, waarmee men in het leven staat. Vele zingevers bieden zich aan. Er is zelfs een soort markt ontstaan waar mensen hoop, uitzicht en houvast zoeken of een diepere motivatie voor het leven. Steeds meer mensen lijken geboeid door paranormale verschijnselen, oosterse wijsheid, reïncarnatie, waarzeggerij, new age ... Maar vinden zij hier echt een antwoord op hun levensvragen? Als God in die nieuwe vormen van spiritualiteit nog ter sprake komt, dan wordt dit woord liefst onpersoonlijk en vaag ingekleurd: het is de goddelijke energie in alles en allen, de kracht die alles samenhang geeft en stuwt.
 
Essentieel voor ons geluk is nu juist het gevoel, dat er iemand is die om ons bekommerd is, die wil dat wij het goed hebben en die van ons houdt. .. Niet iedereen kent of ervaart liefde in zijn leven, niet iedereen groeit op in de geborgenheid van een warme thuis, niet iedereen kan rekenen op begrip, medeleven en goedheid van de anderen. Toch mogen we geloven dat er een Liefde is, waarin ieder van ons is opgenomen en niemand uitsluit, een Liefde die onvoorwaardelijk is en mateloos. Die Liefde is geen onpersoonlijk iets, maar Iemand die wij kunnen benoemen: God.
 
Het diepste geluk vinden we in God alleen, de onuitsprekelijke bron van elk geluk dat straalt in Zijn schepselen. Uit Hem komen wij voort, naar Hem verlangen wij terug. Dat gegeven ligt ons om zo te zeggen in onze natuur! Vandaar de vraag: kunnen mensen wel leven zonder God? Er zijn landen waar godsdienst verboden is, zoals in communistische en andere dictatoriale regimes. Of landen waar de samenleving is gelaïciseerd of geseculariseerd. Religieuze gevoelens en gedachten worden er afgeremd. Men probeert soms ter vervanging een surrogaat-godsdienst in het leven te roepen. Zo is er de 'cultus van de rede' of van de rationaliteit. Door op de juiste manier na te denken, het zgn. 'Verlichtingsdenken', zouden wij er precies kunnen achter komen wat we moeten doen ... En daar is volgens deze opvatting geen religie voor nodig! Je zou ook kunnen spreken over de 'cultus van de arbeid' of van de economische activiteit, zoals in Japan. Men begint er het werk met een gebed om zijn materialistisch dromen te kunnen realiseren. En er bestaat zelfs de 'cultus van de staat' zoals in Noord-Korea, waar de staatsleider goddelijk aanzien krijgt toegemeten.
 
Toch blijkt dit alles tevergeefs. Het behoort nu eenmaal tot het wezen van de mens zich vragen te stellen over zijn bestaan. De existentiële vragen over leven, dood, lijden, eeuwigheid, zin duiken altijd weer op. Levensvragen laten een mens niet los en blijven hem kwellen.
 
Een verlangen dat ons drijft
 
Hoe komen mensen tot geloof? Sommige mensen worden getroffen door de innerlijke bezieling en overtuiging waarmee anderen in het leven staan of door de kracht en de steun die zij vinden in het geloof. Voor hen een reden om eveneens op zoek te gaan om God te vinden. Het mooiste in de mens, dat ons tot God brengt, is trouwens 'het verlangen'. Het verlangen doet iets met ons en wat wij doen komt uit het verlangen. We zouden kunnen zeggen: God komt ons leven binnen op de rode loper van ons verlangen.
 
In een eerste fase spreken wij over een 'zoekend geloof'. Dikwijls echter blijft men zoeken, soms levenslang. Wij stoten in ons zoeken naar God op onze menselijke beperkingen en begrenzingen, onze armoede en onmacht. Wij kunnen God niet waarnemen met onze ogen en oren of andere zintuigen, zelfs niet met ons verstand. Maar zoeken we Hem niet op de verkeerde plaats, alsof Hij te vinden is in boeken of door redenering? God is geen God van filosofen of een product van ons menselijk denken. Uit onszelf kunnen wij God niet eens kennen, benaderen of benoemen. En toch, God is er! Hijzelf openbaart zich aan ons. Het initiatief gaat uit van Hem.
 
Meer dan wij naar God verlangen komt Hij ons reeds tegemoet. God is geen onverschillige en afstandelijke God, zelfgenoegzaam en opgesloten in zichzelf, maar een God die zich kenbaar maakt en meedeelt. Hij laat zich ervaren mits wij Hem de ruimte bieden en toelaten tot ons te spreken. De goddelijke wereld ontsluit zijn geheimen voor een ontvankelijk hart. Wij moeten ons dan ook durven openstellen voor het Mysterie in ons en buiten ons. Wij zijn niet het middelpunt, maar Hij die aan de oorsprong ligt van het bestaan en Zijn bedoelingen heeft met alles. En God spreekt tot ons op vele wijzen" Hij openbaart zich in Zijn schepping, maar ook in mensen en gebeurtenissen. Maar vooral ervaren wij Hem diep in onszelf. Zo bestaat er in Oost en West een rijke 'ervaringstraditie'. En dan denken wij op de eerste plaats aan tal van heiligen en grote mystici, maar ook aan gewone mensen zoals jij en ik die proberen met God verbonden te leven. Wij zijn uiteindelijk geboren om God te verstaan, om Hem te proeven en van dat proeven gelukkig te zijn. In de vroegere kindercatechismus leerden wij, dat we geschapen zijn om God te kennen, te beminnen, te dienen in dit leven en Hem eeuwig te aanschouwen in de hemel. En dat vergeten wij teveel!
 
Geloven heeft dus te maken met de manier waarop wij in het leven staan, naar de dingen kijken, naar de mensen en naar al wat ons omgeeft. Bewondering en verwondering is nodig om 'het wonder' te kunnen zien. Wie alles vanzelfsprekend vindt gaat aan het wonder voorbij ... Belangrijk is ook, dat wij in ons leven momenten inbouwen van stilte en van contact met God in het gebed. Bidden is ruimte bieden voor God en bedding zijn voor stromen van levend water. Bidden is goddelijke zuurstof inademen, zuurstof voor onze ziel.
 
Ook alleen zullen we God niet vinden. Meer dan ooit is er een sterke geloofsgemeenschap nodig. Gelovigen kunnen niet overleven als eenlingen in een zee van ongeloof. Als gelovigen moeten we elkaar dan ook opzoeken en gemeenschap vormen. Door het geloof met elkaar te delen wordt ons eigen geloof en dat van anderen aangewakkerd. God spreekt immers ook door het getuigenis van andere gelovigen. Sint-Paulus schrijft in zijn brief aan de Romeinen: 'Hoe kan men God aanroepen zonder in Hem te geloven? Hoe in Hem geloven zonder van Hem te hebben gehoord? Hoe kan men van Hem horen, als niemand Hem verkondigt?' ( Rom. 10,14)
 
Gods verhaal met de mens
 
Christenen zijn ervan overtuigd, dat God zelf een concrete invulling heeft gegeven van wie Hij is: de Schepper van hemel en aarde, die zich heeft laten kennen in de geschiedenis van het Joodse volk en bij uitstek in Jezus van Nazareth. In een mens van vlees en bloed heeft Hij Zijn ware gelaat getoond, het gelaat van een liefdevolle en barmhartige God. Het verhaal daarover vinden wij in de bijbel.
 
leder mens weet van de bijbel tenminste, dat hij bestaat. Naar het schijnt zou hij in zowat 2500 talen over de wereld verspreid zijn en dat op miljoenen exemplaren. Het is een absoluut record, wat niet wil zeggen dat iedereen meteen de bijbel kent ...
 
Wie onbevangen en zonder vooroordeel de bijbel leest, moet wel tot de conclusie komen dat zoiets door geen mens (alleen) kan geschreven worden. Niemand zegt het klaarder dan Sint-Paulus in een brief aan zijn vriend Timotheüs: 'De heilige Schift is door God geïnspireerd'. (2 Tim. 3,16) In dit geschreven Woord mogen we God zelf beluisteren en ontmoeten. Een gelovige of religieuze levenshouding vindt daarom zijn wortels in dit boek, waarin wij het verhaal lezen van God met de mens. Geen gewoon verhaal, maar een liefdesverhaal. Een dialoog tussen God en de mens en de taal van de communicatie is de liefde.
 
Verkeerdelijk heeft men God in het Oude Testament soms afgeschilderd als een jaloerse en op wraak beluste God, een straffende en zelfs gewelddadige God. Een Godsbeeld dat ook nu nog voortleeft. Denken we maar aan dat dreigende oog met de woorden 'God ziet u', dat je vroeger overal zag hangen tegen de muur. God is geen boeman, maar Iemand die ons bekijkt met liefdevolle ogen.
 
Bij een eerste en oppervlakkige lezing lijkt de bijbel soms ook raadselachtige verhalen te bevatten, die ons moeite kosten om erin binnen te treden. Maar zodra wij er dieper op ingaan, ontdekken wij een onvermoede schat en rijkdom die erin besloten ligt, een boodschap die ons raakt en die in ons iets teweegbrengt.
 
Het Woord van God, dat terecht komt in een ontvankelijk hart, keert niet vruchteloos tot Hem terug. De profeet Jesaja formuleert dit als volgt: 'Zoals regen of sneeuw neerdaalt van de hemel en daarheen niet terugkeert, voordat het de aarde heeft gedrenkt en zaad heeft gegeven aan de zaaier en brood aan de eter, zo zal Mijn Woord zijn dat uit Mijn mond komt: het zal niet vruchteloos tot Mij terugkeren, maar het zal doen wat Mij behaagt'. (Joh. 55,10-11)
 
Gods Woord vordert op, het interpelleert. Wel moeten wij ons 'laten' aanspreken ... Zijn wij aanspreekbaar met al onze beslommeringen en drukke bezigheden? Spontaan denken wij hierbij aan de toelichting, die Jezus gaf bij de parabel van de zaaier: 'Het zaad dat tussen de distels terecht kwam, stelt degene voor die de boodschap hoort; maar de materiële zorgen en de valse schittering van de rijkdom verstikken de boodschap, en ze draagt geen vrucht'. ( Mt. 13,22)
 
Bijbelse lectuur, die wij daarentegen met een ontvankelijk hart tot ons laten doordringen, kan ons geloof verdiepen en nieuwe impulsen geven. Spiritualiteit en geloof, de diepe bronnen waaraan haast iedere mens zich wil laven, moet je hiermee voeden; anders drogen ze op!
 
Geworteld in het leven
 
Wat betekent het tenslotte gelovig te zijn of om het te worden? Wat brengt het geloof in ons teweeg of wat hebben wij eraan?
 
Zoals gezegd is geloven niet zozeer een rationeel gebeuren, maar een relationeel gebeuren. Er is een geloof dat enkel bestaat in het aannemen van waarheden, begrippen, stellingnames. Het geloof als een 'gedachteconstructie': geloven 'dat'. Een overtuiging, maar zonder een persoonlijke band met God of met de levende Heer.
 
In feite kunnen we maar spreken van geloof, als we ten diepste leven vanuit een persoonsbinding met God, die tot ons spreekt en ons Zijn liefde betoont. Geloven is zich overgeven en toevertrouwen aan Hem. Geloven is een relatie van grenzeloos en onverwoestbaar vertrouwen in God de Heer, in Zijn goedheid en voorzienigheid. Alles mogen we van Hem verwachten, alles is genade. Hij geeft ons wat we nodig hebben en wat ons tot heil strekt.
 
Soms hebben wij twijfels bij Gods voorzienigheid en liefde, wanneer wij zien hoe het eraan toegaat in deze wereld of wanneer we zelf te maken krijgen met tegenslag en lijden. dan stellen we Zijn goede bedoelingen in vraag. Geloven is er op vertrouwen dat God alles ten goede leidt ook in duisternis, op momenten van twijfel en onzekerheid, wanneer het kruis onder een of andere vorm zich aftekent in ons leven en wij geconfronteerd worden met onverwachte gebeurtenissen.
 
In het werkwoord 'ge-love-n' zit het woordje 'love', liefde. Deze oorspronkelijke betekenis wordt eveneens zichtbaar in het Latijnse woord: credere. 'Cre-dere' komt van 'cor' (hart) en 'dare' (geven): je hart geven aan iemand en wel je hele hart. Door ons te verliezen in God vinden wij de ware vrijheid en ons diepste zelf!
 
Geloven is een relationeel gebeuren en een relationeel gebeuren bestaat altijd uit twee polen. Gods Woord wacht op het wederwoord van de mens. Zijn liefde dienen wij te beantwoorden met wederliefde. Het gaat om een wederzijdse uitwisseling, een creatief proces. Liefde wordt pas echt, wanneer je ze ontvangt en beantwoordt of je eraan overgeeft. Je moet ervoor kiezen. 
 
Wanneer wij spreken over een echt en authentiek geloof, dan gaat het ook over een geloof dat zich vertaalt in onze daden. Een geloof dat niet enkel wordt 'gedacht', maar ook wordt 'gedaan'. Komt ons geloof niet tot leven in daden van Godsaanbidding en van zelfinzet voor het geluk van anderen, dan is het een dood geloof of een onvruchtbaar geloof. God heeft ons in het leven geroepen en ons de aarde toevertrouwd of in bruikleen gegeven als een gave en een opgave en waarover wij dus verantwoording verschuldigd zijn. In onze vrijheid ligt ook onze verantwoordelijkheid. Christenen zijn nog teveel traditie-christenen, die nu eenmaal geboren zijn in een katholiek gezin en misschien nog bepaalde gewoontes, die ze meegekregen hebben van thuis, in ere houden. Voor de rest grijpt hun geloof weinig in op hun leven.
 
Geloven is ook geen 'vakje' in ons leven. Het beperkt zich bijvoorbeeld niet tot de eucharistieviering op zondag of tot een occasioneel moment dat wij besteden aan gebed. Geloven is alomvattend. Het geeft betekenis aan gans ons leven. Het bepaalt de manier waarop wij in het leven staan, welke keuzes wij maken en hoe wij met de dingen omgaan. Als God geheel op ons beslag mag leggen, dan zal het in alles aan ons te zien zijn en zal het getuigenis van ons leven aanstekelijk zijn voor anderen!
 
Olav Vandebril, pr. 


Comments are closed.
    Overzicht Artikels
Powered by Create your own unique website with customizable templates.
  • Wie we zijn
  • De heilige Thomas More
  • Kalender
  • Tijdschrift: POSITIEF
  • Archief
    • Overzicht